Paragrafen

Lokale heffingen

De belangrijkste heffingen zijn in onderstaande tabel weergegeven.

Tabel 7.2.2

Heffing

2025

2024

OZB

Woningen (eigenaren)

0,0834%*

0,0832%

OZB bij gemiddelde woningwaarde (koop- en huurwoningen tezamen)

398,57

343,89

Niet woningen (eigenaren)

0,2466%*

0,2438%

Niet woningen (gebruikers)

0,1967%*

0,1944%

Afvalstoffenheffing

Vastrecht

246,24

224,88

Variabel recht gemiddeld huishouden**

42,31

42,31

Rioolheffing

Eigenaar pand

113,64

109,80

Gebruiker pand

57,24

55,20

*   Gebaseerd op de voorlopige tarieven voor de OZB op basis van de op dit moment verwachte waardeontwikkeling. De definitieve tarieven worden vastgesteld in de verordening onroerendezaakbelasting 2025.

**   Gebaseerd op het aanbiedgedrag van een gemiddeld huishouden. Variabel tarief blijft ongewijzigd.

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) meet jaarlijks de lokale lastendruk van de Nederlandse gemeenten. De indicator ‘woonlasten meerpersoonshuishouden’ geeft inzicht in de ontwikkeling van de Edese woonlasten in relatie tot die van de overige gemeenten. De indicator bestaat uit de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Op basis van de gegevens van het COELO over 2024 staat Ede op 25e plaats van gemeenten met de laagste woonlasten voor meerpersoonshuishoudens. Binnen de grootste gemeenten (G41) staat Ede op de vierde plaats van gemeenten met de laagste woonlasten voor meerpersoonshuishoudens.

In algemene zin zien we dat de woonlasten landelijk gemiddeld hoger zijn dan de woonlasten voor de inwoner van Ede. De afgelopen jaren stegen de landelijke lasten met een hoger percentage dan in Ede. Voor het jaar 2025 is de landelijke trend nog niet bekend en is daarom de lijn van 2024 doorgetrokken. Aannemelijk is dat de gemiddelde landelijke lasten zullen stijgen.


Per 2022 is de grondslag van de WOZ-waarde berekening aangepast wat de (forse) stijging t.o.v. eerdere jaren verklaart.

Inwoners van Ede komen in aanmerking voor kwijtschelding wanneer zij een inkomen en/of vermogen hebben dat niet hoger is dan de (landelijk) vastgestelde norm die de gemeente hiervoor mag hanteren. In de begroting houden we rekening met een bedrag van € 541.000 aan kwijtscheldingen. Dit is € 1.000 meer dan in 2024.

Deze pagina is gebouwd op 11/20/2024 09:53:54 met de export van 11/18/2024 11:07:02